| 1 |
Bespreek met elkaar welk werksysteem past in de apotheek. Vaste baliebemanning, vaste voorvuller, vaste achtervuller. Maak de taakverdeling tijdens de receptverwerking inzichtelijk en op maat. Stel hierbij altijd de klant centraal. |
|
2 |
Maak een prioriteitenlijstje van taken. Bij drukte bijvoorbeeld dienen een aantal taken losgelaten te worden. Welke? In welke volgorde? Maak hier afspraken over. |
|
3 |
Zorg voor een map waar alle werkprotocollen in staan. Leg deze map op een vaste plaats neer in de apotheek. |
| 4 |
Stel een 'floormanager' aan (eventueel elke dag een andere). Deze persoon regelt wie wat doet, inventariseert wat wel en niet goed gaat in de apotheek en zorgt ervoor dat deze zaken bespreekbaar gemaakt worden. Ook geeft zij - als er iets mis dreigt te gaan - suggesties en opdrachtjes aan andere assistenten. |
|
5 |
Bespreek twee keer per jaar op het werkoverleg alle werkprotocollen. Werken ze of kunnen er aanpassingen gemaakt worden? |
|
6 |
Sorteer goed bij aanname van recepten in de apotheek. Maak stapels. Welke recepten zijn belangrijk, welke kunnen even wachten? Verwerk bijvoorbeeld de recepten voor kuurtjes/eerste uitgiftes als eerste. Maak het concreet, verbind er een werkinstructie aan. |