Menu
Hoofdstuk 2

De arbeidsovereenkomst

Artikel 3 t/m 5

    1. De arbeidsovereenkomst met de werknemer wordt schriftelijk aangegaan en wordt in tweevoud opgemaakt. Beide exemplaren worden door werkgever en werknemer ondertekend. Wijzigingen in de arbeidsovereenkomst worden schriftelijk overeengekomen. Voor zover het geen afbreuk doet aan de wettelijke geldigheid van enige bepaling, kunnen werkgever en werknemer desgewenst digitaal tot overeenstemming komen over de arbeidsovereenkomst of eventuele wijzigingen daarin.

    2. Onmiddellijk na het aangaan van de arbeidsovereenkomst wordt door de werkgever één van deze exemplaren, al dan niet digitaal, aan werknemer verstrekt, alsmede een (digitaal) exemplaar van de Cao Apotheken.

    3. De arbeidsovereenkomst kan worden aangegaan voor bepaalde tijd of onbepaalde tijd. Een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd kan worden opgevolgd door een nieuwe overeenkomst voor bepaalde tijd conform artikel 7:668a Burgerlijk Wetboek.

    4. Werkgever zal werknemer in kennis stellen van iedere wijziging in de CaoApothekenmeteen exemplaar van de nieuwe tekst of van de wijziging hierin.

    5. Modelarbeidsovereenkomsten zullen via de online kanalen van het cao secretariaat (knmp.nl) beschikbaar worden gesteld voor het facultatieve gebruik door werkgever.
    1. De wettelijke bepalingen over het beëindigen van de arbeidsovereenkomst zijn van toepassing op de individuele arbeidsovereenkomst.
    2. De arbeidsovereenkomst eindigt in ieder geval van rechtswege op de eerste van de maand nadat de werknemer de AOW-gerechtigdeleeftijdheeftbereikt, dan wel door opzegging door de werknemer met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden, indien de werknemer gebruik maakt van de pré-pensioenregeling.
    1. De werkgever dient zich ervan te vergewissen dat de uitzendwerkgever op de ingeleende uitzendkracht de in deze cao vermelde salarissen en vergoedingen toepast. De werkgever dient zich ervan te vergewissen dat de uitzendkracht die een functie uitoefent zoals genoemd in artikel 6 en bijlage 1, betaald wordt volgens de in de artikelen 6, 8, 9 en bijlage 1 genoemde salarissen, alsmede de vergoedingen zoals genoemd in de artikelen 22 tot en met 24, 25, 27, 28, 29, 32, 36 tot en met 38, 40en 41.
    2. De werkgever stelt uitsluitend uitzendkrachten te werk die in dienst zijn bij een uitzendbureau dat beschikt over een NEN-certificering en is ingeschreven in het register van de Stichting Normering Arbeid.